Vrijeschool, toon moed en word wie je bent! (Er zijn al genoeg gewone scholen)

sporen vrijeschool

De vrijeschool heeft een groter ideaal dan kinderen voorbereiden op de arbeidsmarkt. Het onderwijs komt voort uit de antroposofische mens- en wereldvisie van Rudolf Steiner, die hij ontwikkelde in de turbulente tijden van het Europa aan begin van de 20ste eeuw. Het vrijeschoolonderwijs wil kinderen opvoeden tot vrije, zelfstandige mensen die vanuit hun eigen impuls de maatschappij kunnen vernieuwen. Worden wie je bent betekent dat jouw geestelijke impuls tot uitdrukking mag komen in je persoonlijkheid. Dat je eigen gedachten en oordelen kunt vormen, een rijk en evenwichtig gevoelsleven ontwikkelt en een sterke wil. Daarover gaat het opvoedingsideaal van de vrijeschool. Zo zou vrijeschoolonderwijs het desem kunnen zijn voor maatschappijvernieuwing.

In deze tijd is het zaak dat we die functie weer serieus gaan nemen, want ook nu leven we in een tijd van transitie. De oude wereld van geld en macht kan plaats gaan maken voor een nieuwe wereld waarin menselijke waarden het uitgangspunt zijn bij het vormgeven van onze samenleving. Daar zijn sterke, moedige, eigenzinnige en creatieve mensen voor nodig die hun (morele) oordeel en handelen baseren op hun idealen; mensen die op een volwassen manier (1) in de wereld willen zijn en oog hebben voor andermans behoeften. Mensen die uit liefde voor de wereld hun hoogst persoonlijke bijdrage willen leveren.

Aanpassen en verlies van eigenheid
De vrijeschool heeft als vernieuwingsschool de potentie om positieve bijdrage te leveren aan deze veranderingen. De vraag is alleen of de school dit nog kan waarmaken onder de huidige omstandigheden. De afgelopen 15 jaar heeft de vrijeschool veel ingeleverd om in het gesubsidieerde onderwijssysteem in Nederland te passen. Er zijn daarvoor allerlei pragmatische keuzes gemaakt waardoor de school verder van haar eigen uitgangspunten kwam te staan. Inmiddels zijn opbrengstgericht werken, methodes, leerlingvolgsystemen en toetsen gemeengoed in de vrijeschool.
Ook werd de school zich bewust van haar blinde vlekken en zwakke punten. Maar kreeg of nam niet de tijd en de ruimte om daar een eigen antwoord op te vinden. De druk om te scoren en uit de hoek van ‘zwakke scholen’ te blijven zorgde voor onzekerheid en ook angst. Het idee was en is dat “we wel moeten en niet anders kunnen” en dat als je aan alle eisen voldoet, er weer ruimte komt. Misschien werkt dat op korte termijn, maar op lange termijn zal dat het op de menskunde gebaseerde vrijeschoolonderwijs niet ten goede komen. Het gevolg is dat we nu de kinderen en leerkrachten tekort doen uit angst om onze positie te verliezen.
De ingeslagen weg van aanpassen onder druk van overheidseisen en een gebrek aan een eigen antwoord hierop heeft zijn tol geëist. Natuurlijk is er nog veel om erg blij van te worden en dankbaar voor te zijn. De kleuterklassen, het periodeonderwijs, het zingen om maar wat te noemen. Toch maken velen zich ondanks al dit moois dat nog over is ook zorgen. Vrijeschoolonderwijs is meer en meer beperkt tot alleen het periodeonderwijs, want “er moet nog zoveel voor de inspectie.” De groei van staatsvrije (particuliere) vrijescholen is hier een reactie op.

Grenzen stellen
Met het aannemen van de initiatiefwet van SGP-kamerlid Bisschop (een voormalig schooldirecteur) werd 29 september de rol van de inspectie ingeperkt. Geweldig, en dat op Michaëlsdag! Nu is het ook tijd dat de vrijeschool wat meer moed toont. Als we gaan staan voor ons onderwijs, geven we de kinderen een beter voorbeeld dan het steeds weer volgzaam aanpassen.
Daarom is het tijd om onze eigenheid te versterken en de ruimte voor ons onderwijs – in onderwijstijd – terug te winnen. Tenminste, als we onze opdracht als vernieuwingsschool serieus willen nemen. Alleen een school die gaat staan voor haar eigenheid, kan zeggen dat je er kunt worden wie je bent.
We hebben de tijd mee. Niet alleen verandert het politieke klimaat, maar ook laat de groeiende vraag naar vrijeschoolonderwijs zien dat ouders iets anders willen dan wat de meeste andere scholen bieden.

Vrijeschool worden
We hebben een fantastisch onderwijsconcept dat werkt als samenhangend geheel. Jammer genoeg kan dit nu niet meer zo worden uitgevoerd. De schooldag is doorregen met allerlei moetjes die het programma overvol maken en de blik van de leerkracht hoe dan ook op een andere manier richten.
De uitgangspunten van de vrijeschool en de behoeften van het zich ontwikkelende kind moeten weer leidend worden. Het bouwsel van methodes, leerlingvolgsystemen en toetsen geeft weliswaar houvast, maar ontneemt leerkrachten ook de mogelijkheid hun pedagogische zintuigen te ontwikkelen. Het voedt de angst dat je – als je het zonder doet – weleens dingen over het hoofd zou kunnen zien. Bovendien zorgt het voor onnodig extra werk en hoge kosten. Er is een hele industrie rond scholen ontstaan die zijn boterham smeert van de onzekerheid om niet te voldoen aan de eisen.

Kun je enthousiast worden van iets wat een ander al stap voor stap heeft bedacht? Ontwikkel je als kind aan zo’n voorbeeld vertrouwen in het zelf kunnen? Wat doet de werkdruk van weektaken die af moeten met kinderen? En het op snelheid leren lezen en rekenen. Hoe verteren kinderen de dode lesstof uit de boeken? Mogen verhalen, schilderen, vormtekenen en toneel sluitpost worden en pas aan bod komen als al die andere taken af zijn? Is het de bedoeling dat kinderen al zeer jong wakker worden voor hoe ‘goed’ zij zijn in taal en rekenen? Of je het nu een zonne- maan- en sterregroep noemt of A, B, C en D (Cito-scores), je geeft kinderen een heel andere boodschap mee dan dat je ze aanspoort om te worden wie ze in de kern zijn. Waarom doen we als vrijeschool mee aan het uitselecteren van kinderen die van waarde zijn voor de kenniseconomie en waarin we nog tot en met de 12e klas willen investeren, en sturen we de rest al in de 10e klas van school? Binnen wat gesubsidieerd wordt kan het kennelijk niet anders, maar wat als we voorbij die grenzen gaan denken.

Minder plezier in leren
Vrijeschoolkinderen herkende je altijd aan het feit dat ze met plezier naar school gingen. Je ontwikkelde er plezier in leren en kon er nog onbezorgd kind zijn en tot jongvolwassene rijpen. Dat is allang niet meer zo vanzelfsprekend. Hoofdpijn, buikpijn, slaapproblemen of gedragsproblemen zijn volgens artsen en therapeuten mede het gevolg van de druk die kinderen ervaren, en de dubbele moraal die we in ons vrijeschoolonderwijs hebben toegelaten.

Huisartsen gingen ons voor
De Nederlandse huisartsen gaven de afgelopen maanden een fel tegengeluid toen het zorgsysteem te destructief werd om hun vak nog uit te kunnen oefenen. Hun protest heeft resultaat: 85% van de formulieren kunnen de prullenbak in. Het is dus mogelijk om ruimte te maken, door te gaan staan voor je vak! Ook leraren klagen veel over de administratieve werklast en de druk van bovenaf waardoor zij hun autonomie in hun vakgebied zijn kwijtgeraakt. Ouders kunnen leraren helpen door duidelijk te maken dat zij niet voor niets voor vrijeschoolonderwijs hebben gekozen. Ouders en leraren samen kunnen schoolbesturen en –directeuren aansporen ruimte te maken om onze eigen koers weer te hervinden. En om hun eigen plek daarin op te eisen. De Verklaring voor de vrijeschool beoogt de dialoog hierover in scholen op gang te brengen.

Wat te doen?
De tijd van ja-knikken moet voorbij zijn. We kunnen niet meer met goed fatsoen draken verslaan en over Michaëlsmoed spreken, als we onszelf als bange burgers blijven gedragen. Dat is het tegenbeeld van wat Rudolf Steiner wilde met de vrijeschool. En ook het tegenovergestelde van wat veel ouders en leerkrachten willen. Onderschrijf daarom de Verklaring voor de vrijeschool.

VrijOnderwijs.nl: Marije Ehrlich en Yvonne van Oorsouw
Deze tekst en de Verklaring voor de vrijeschool zijn in samenspraak met velen tot stand gekomen, op basis van een eerste versie van Marije Ehrlich.

(1) Gert Biesta, Het prachtige risico van onderwijs

8 gedachten over “Vrijeschool, toon moed en word wie je bent! (Er zijn al genoeg gewone scholen)

  1. Prima initiatief, maar vergeet niet dat men pas echt Vrije School kan zijn als men het ook echt leeft. Dat wil zeggen, dat het curriculum niet enkel schone schijn mag blijven maar werkelijk geesteswetenschappelijke inhoud moet hebben / krijgen. Dat kan enkel wanneer leerkrachten en schoolleiding ook werkelijk aan de slag gaan met de geesteswetenschappen. Dan staat men ook sterk naar de inspectie, en ook naar vragende ouders en laten we niet vergeten ook naar de kinderen. De vorm moet wel de geest bevatten anders is het enkel leegte en daar is niemand bij gebaat.

  2. Ik ben oud leerling van 1952 tot 1960 , Vrije school Zeist, Ik onderschrijf bovengestelde. Ben dagelijks dankbaar voor alles wat ik heb meegekregen .

  3. Een geweldig initiatief op het goede moment: ons onderwijs wordt maatschappelijk meer gewaardeerd dan ooit en tegelijkertijd kalven onze idealen onder de druk van de overheid en door een zekere passiviteit steeds meer af. Hopelijk levert deze dialoog ook concrete suggesties op; wat we wél willen, weten de meeste mensen (nog) wel, maar wat zijn de belangrijkste overheidseisen waarvan we het nut het minst inzien en waaraan willen we echt niet meer meedoen?

Geef een reactie